1856 – Het Eiland Texel en Zijne Bewoners, Francis Allan

In verband met het Corona virus adviseren wij u het laatste reisadvies van het Ministerie te lezen op Reisadvies Nederland Wereldwijd

Naardien Texel omtrent ééne graad noordelijker ligt dan de hoofdstad der provincie Zuid-Holland, ’s Gravenhage, komt het aangename Lentesaisoen, hier ook ongeveer veertien dagen later, zoodat de boomen hier iets later uitbotten en bloeijen, dan in het zuidelijk deel onzes vaderlands, blijvende zij daarentegen, op dit eiland, ook zoo veel langer met hunnen bladerdosch versierd; ook is hier de winterkoude niet zoo streng, noch de zomerhitte zoo drukkend, als meer zuidelijk, iets, dat mijns inziens, moet worden toegeschreven aan de salpeterachtige uitwasemingen der zee, waardoor het eiland omringd is.

De hooge ligging en de frissche zeewinden, maken Texel overigens, tot een gezond en vruchtbaar oord.

„Ik geloof niet,” zegt zeker deskundige, „dat er eene gezondere landstreek zijn kan; de lieden worden er oud, en, de kinderziekte uitgezonderd, zijn er de besmettelijke ziekten zeer zeldzaam.”—[27]


1Naar men mij verhaalde, had zich de sterfte onder het hoornvee, vóór 1789, slechts éénmaal op Texel vertoond. Een boer, die, naar huis reizende, in het Zijperschuitje zich nedergezet had op een hoop rundervellen, afkomstig van dezulken, die aan de besmetting gestorven waren, en, zoodra hij te huis kwam, naar het veld gegaan was om zijne beesten te melken, bragt de ziekte over, met dat gevolg, dat niet alleen zijn’ stal, maar ook vele andere stallen aan den Hoorn, geheel uitstierven, zonder dat de ziekte zich evenwel verder over het eiland verspreidde.

2Een groot verschil voorwaar met het jaar 1383, toen er op Texel geene merriën mogten gehouden worden; zijnde men toen verpligt, zich daarvan vóór Kersavond te ontdoen.—

3In 1854 werden er 1.400.000 oesters gevangen, die gemiddeld à ƒ 10 per 1000 werden verkocht.

4De wiermaaijerij leverde hier in 1850: 170,000 ℔ wier, ter waarde van ƒ 10,000; in 1851: 120,000 ℔, ter waarde van ƒ 4,200; in 1852: 150,000 ℔, ter waarde van ƒ 8,250; en in 1853: 300,000 ℔ ter waarde van ƒ 19,000.

5Vooral levert de Schelpbank in het Eijerlandsche Gat eene gunstige opbrengst.

Het Oude Schild leverde in 1853 250 kub. el schelpen. In 1854 400 kub. el schelpen.
Oosterend en Oost 3500 2500
De Cocksdorp 7600 6000

6Zie de achter dit Werk gevoegde Staat van de veranderingen aan het Strand en de Duinen, enz., overgenomen uit het Provinciaal Verslag van Noord-Holland, over 1854.