1856 – Het Eiland Texel en Zijne Bewoners, Francis Allan

In verband met het Corona virus adviseren wij u het laatste reisadvies van het Ministerie te lezen op Reisadvies Nederland Wereldwijd

De uitgestrektheid van Texel bevat thans eene lengte [10]van circa vijf, bij eene breedte van bijna twee uren gaans, en beslaat eene oppervlakte van 18,763 bunders, 72 □ roeden en 58 □ ellen; waarvan 14,491 bunders, 76 □ roeden en 21 □ ellen belastbaar land. In 1559 werd Texel bevonden groot te zijn 3688 morgen. In 1562 werd de grootte opgegeven als beslaande 3844 morgen lands. De bodem is niet geheel vlak, maar heuvelachtig, en biedt den vreemdeling, vooral van den zoogenoemden Hoogenberg, een schoon landtafereel aan, rijk aan afwisseling en bevallige verscheidenheid. Het geheele voorkomen van Texel heeft veel overeenkomst met een landschap, uit Gelderland’s hoogste gedeelte.

Tegenwoordig heeft men op Texel, behalve de hoofdplaats den Burg, welke geheel het aanzien heeft van een bevallig landstadje, de volgende dorpen en gehuchten: Het Oude Schild of Schil, het Nieuwe Schild, Oost, of om de Oost, Zevenhuizen, Oostereind, de Waal, de Cocksdorp, de Koog en den Hoorn—te zamen (op 1 Jan. 1856) bevattende 1172 huizen, bewoond door 1296 gezinnen, uitmakende eene bevolking van 6109 zielen, waarvan 3101 tot het mannelijk en 3008 tot het vrouwelijk geslacht behooren,—en, naar de onderscheidene geloofsbelijdenissen, verdeeld wordende in:

Nederduitsch Hervormden 3768
Doopsgezinden 1102
Roomsch Catholijken 1218
Israëliten 13
Lutherschen 5
Remonstranten 3

Een volledig overzigt der bevolking bieden wij onzen lezers in de navolgende lijst aan:[11]

STAAT der Bevolking, getal Huizen en Huisgezinnen der verschillende Dorpen, Buurtschappen, Polders en Gehuchten, op het eiland Texel, op 1 Januarij 1856.

Benaming der Dorpen, Buurtschappen, Polders en Gehuchten. Getal Huizen. Huisgezinnen. Mann. Bevolk. Vrouw. Bevolk. Totale Bevolking. Aanmerkingen.
De Burg 272 321 711 648 1359 Dorpen.
Oude Schild 187 187 412 441 853
Hoorn 152 130 328 415 743
Oostereind 160 120 265 240 505
De Waal 32 36 66 65 131
De Koog 17 17 38 37 75
Cocksdorp 53 53 131 145 276
Eijerland 140 142 393 331 724 Polders.
Eendragt 9 9 18 18 36
Prins Hendrik Polder 8 14 37 36 73
Waal en Burg 12 15 47 40 87
Burg en Nieuwland 4 4 19 13 32
Oost 39 48 137 31 268 Gehuchten.
Zevenhuizen 15 16 42 43 85
Nieuwe Schild 4 7 16 19 35
Harkenbuurt 7 7 17 20 37 Buurtschappen.
Spang 9 9 21 20 41
Molenbuurt 3 3 10 14 24
Burgen 9 9 29 19 48
Dijkmanshuizen 4 4 16 12 28
Tienhoven 4 4 16 12 28
De Westen 15 15 45 39 84
Zuidhaffel 9 9 24 19 43
Westergeest 6 6 18 11 29
Hoogenberg 11 11 21 16 37

Het vorenstaande sluit echter niet met het boven deze lijst opgegeven totale cijfer, naardien de afzonderlijk staande boerenwoningen, niet onder de buurtschappen zijn begrepen.[12]

Veeteelt, en vooral de schapenfokkerij, landbouw, visscherij, handel en zeevaart, zijn de hoofdmiddelen van bestaan op Texel.

De Texelaars staan, over het algemeen, op eenen vrij hoogen trap van beschaving, zoodat zelfs de geringste handwerksman of daglooner, zich op eene wijze doet kennen, welke, met grond, een fiks ontwikkeld verstand en helder oordeel doet vooronderstellen. In dit opzigt onderscheiden zij zich gunstig van de bewoners uit het zoogenoemde boerenland.

Hun veelvuldig verkeer met vreemdelingen, zal, behalve het volksonderwijs, daarvan wel de voornaamste reden zijn.

Men treft onder de bewoners van Texel, vele welgestelde lieden aan, waaronder niet weinige die zich, door eene eenvoudige en spaarzame levenswijze, (eene nagenoeg algemeene eigenschap dezer eilanders) een niet onaanzienlijk vermogen vergaderd hebben, hetwelk hier hoofdzakelijk in landerijen en vee bestaat.—

Het geheele eiland biedt overvloedige gelegenheid aan, tot uitoefening der jagt op hazen, konijnen en gevogelte; waarop wij in het volgende hoofdstuk nader zullen terugkomen, en waarbij ons de belangrijkheid van dit eiland, ook vooral ten opzigte van zijnen landbouw en veestapel, nader blijken zal.

Het wapen van Texel bestaat uit een gouden veld waarop een omgekeerd anker, dat gesteund wordt door twee rijzende leeuwen in natuurlijke kleur.

Texel’s vlag is groen en zwart.3[13]


1Aanvankelijk hadden wij het plan gevormd, om een afzonderlijk kaartje van de Texelsche Zeegaten bij het werkje te voegen.—Dan, opmerkzaam gemaakt zijnde, dat het, met betrekking tot het eiland zelf, doelmatiger zijn zoude, zoo beide kaarten (die van het Eiland en die van de Zeegaten) op ééne kaart werden overgebragt, hebben wij ons volgaarne de moeite getroost, om, in het belang van het werkje, beide kaarten op eene grootere schaal over te brengen, en tot één geheel te vereenigen.

2„Noorder-Haaks, zandbank in de Noordzee, vóór het Marsdiep, Zuidwest van het eiland Texel, thans het Noordelijke gedeelte van de Haaks uitmakende. Ten Noord-Oosten loopt het Noordergat, dat haar van de Horst, of de Zuid-Westelijke punt van Texel, scheidt, ten Zuiden werd zij vroeger door de Breede-Wei en het Zuidwestergat van de Zuider-Haaks gescheiden; thans daarmede verbonden, wordt zij nog door eene geul of sleuf, het Duikersgat geheeten, in tweeën gescheiden, van welke het Zuidelijke gedeelte den Middenrug genoemd wordt.”

„Zuider-Haaks, zandbank in de Noordzee, ten westen van den Helder, waarvan zij door het Schulpegat gescheiden is, terwijl zij ten Noorden thans met de Noorder-Haaks is vereenigd.

(Van der Aa. Aardr. Woordenboek, V deel, bl: 11.)

3De kleuren van Texel’s vlag zijn ons verschillend opgegeven. Men deelde mij onlangs mede dat dezelve oudtijds groen en rood zouden geweest zijn.