Schiedam

Plaatsen > Schiedam

Schiedam is een gemeente in de provincie Zuid-Holland.

Geschiedenis van Schiedam
Schiedam werd ‘geboren’ toen Dirk Bokel in 1250 een dam in de monding van rivier de Schie liet aanleggen. Dirk Bokel was de eigenaar van de polder Riviere en wilde met de dam zijn vis- en jachtgebied beschermen tegen de zee. Zijn dam had nog meer voordelen: schepen konden door de dam niet verder landinwaarts en moesten hun lading dus bij Schiedam laten overladen naar andere schepen. Dat leverde werk op, dat gecombineerd met de handel, visserij en nijverheid in de streek er voor zorgde dat bij de dam al snel een nederzetting ontstond. Het gebied rond de monding van de Schie werd de toegang tot het graafschap Holland.

Scyedam
Haar stadsrechten kreeg Schiedam van vrouwe Aleida. In 1260 kocht zij Riviere van Dirk Bokel en liet er in 1262 haar kasteel ‘Huis te Riviere’ bouwen. De ruïnes hiervan zijn nu nog te zien aan de Broersvest. Vrouwe Aleida zag het economische voordeel dat de dam in de Schie haar kon opleveren en deed haar best de handel en nijverheid in het gebied te bevorderen. De nederzetting groeide en op 18 maart 1275 verleende Aleida er stadsrechten aan, waarmee de stad Scyedam een feit was. In Aleida¿s tijd was Schiedam vooral een havenstadje; een bescheiden, maar snel groeiende nederzetting bij de belangrijke handelsroutes over de Maas en de Schie. Door het aanslibben van de Maasoever ging het belang van de haven echter al snel achteruit. Tevergeefs werd geprobeerd het tij te keren door havens te kanaliseren. Toen Rotterdam en Delft in de 14e eeuw hun eigen verbinding met de Maas kregen, moest Schiedam haar leidende positie afstaan.

Jenever
Meer en meer richtte Schiedam zich op de nijverheid. In de zeventiende eeuw begon zo de geschiedenis van het bekendste Schiedamse product: de jenever. De grondstoffen hiervoor, zoals goedkoop Russisch graan en de voor de distilleerderijen benodigde grondstoffen (kolen), werden aangevoerd per schip, wat de bedrijvigheid in de havens weer deed toenemen. Schiedam bloeide op. Op de stadswallen verrezen reusachtige molens om het graan voor de vele branderijen te malen. In de hoogtijdagen van de jeneverproductie telde de stad ruim twintig molens en 188 branderijen. De jeneverindustrie bracht veel werkgelegenheid met zich mee en de stad groeide snel.

Terugslag en herstel
Tegen het einde van de 19e eeuw kwam echter een terugslag. Toen in 1875 een crisis uitbrak in de Europese landbouw wreekte zich het feit dat Schiedam er nauwelijks andere industrieën op na hield naast de jeneverproductie. De belangrijkste grondstof voor de jenever, het graan, werd schaars. Daar kwam nog bij dat veel branderijen niet tijdig op moderne productiemethoden waren overgeschakeld. Een groot aantal bedrijven sloot zijn deuren of raakte in verval. De stad Schiedam werd meegesleurd in de neergang. De werkende bevolking, die toch al nauwelijks had geprofiteerd van de welvaart, raakte in armoede. Het leven in Zwart Nazareth, zoals de stad werd genoemd vanwege de eeuwige roetwolken die boven de stad hingen, werd nog een tintje zwarter. Dankzij de vestiging van enkele grote scheepswerven (Werf Gusto, Wilton-Fijenoord) en een flink aantal toeleveringsbedrijven krabbelde Schiedam er eind achttiende eeuw weer bovenop, maar de economische wereldcrisis rond 1930 deelde opnieuw gevoelige klappen uit. Het herstel van de scheepsbouw begon na de Tweede Wereldoorlog, waardoor Schiedam haar aandeel kreeg in de groeiende welvaart in het naoorlogse Nederland. 

De neergang van de scheepsbouw rond 1970 en 1980 bezorgde Schiedam opnieuw moeilijke tijden. Maar de stad heeft lering getrokken uit het verleden: een blik op de industriegebieden maakt duidelijk dat de werkgelegenheid nu over veel meer verschillende sectoren is verdeeld.

 

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *