Zeemanswoordenboek Wanthaak – Wildebras

In verband met het Corona virus adviseren wij u het laatste reisadvies van het Ministerie te lezen op Reisadvies Nederland Wereldwijd

Watertocht, z. n. m. — Tocht, reis, door ’t Water.

Zoo trotst men Jazons Watertoghten
En zijn vermeetlen heldenlof.
Antonides. [260]

Waterrot, z. n. m. — Bynaam voor een zeevarende.

Waterval, z. n. m. — Water, dat zich van een hoogte nederstort.

Waterverkleuring. — Verandering in de kleuren van het Water, welke op zee doorgaands wordt waargenomen op sommige breedten of boven een rif of bank. Het rif is noch door rollers noch door W— kenbaar op eenigen afstand.

Waterverplaatsing, z. n. v. — De plaats, welke de kiel van een schip in het water beslaat.

Waterverval, z. n. m. — Verschil van diepte bij  hoog of laag Water.

Watervloed, z. n. m. — Overstrooming.

Waterzeilen, z. n. o. mv. (veroud.) — Zeilen, die men achter tegen het schip, tot onder aan het water toe, hing, bij  het lensen.

Web, z. n. v. — De scheepstimmerlieden noemen een W— scheren, wanneer zij de latten spijkeren, naar welke het beloop van een schip moet gemaakt worden.

Wederzee, z. n. v. — ’t Zelfde als Tegenzee. Zie ald.

Weekbak, z. n. m. (veroud.) — Groote bak op de overloop, waar de varsebalie zijn water in draagt en de spijs in weekt en reinigt.

Weer, z. n. m. — Zie Rietpark.

Weêr of weer, (naarmate men dit woord als samentrekking van weder—wat niemand ooit zegt—of van geweer, van weeren [waaien], beschouwt) z. n. o. Luchtgesteldheid. Zwaar W— (storm.) Gemeen W—, roezemoezig, buiig W—. Het W— klaart op. Het W— is bestendig. Helder W—. Dik W—. Donker W—. Handzaam W—. Deinzig W—. NoodW—.

Spreekwijze: Mooi W— en geen haring (het doet zich goed voor; maar men heeft er niet aan).

W— en wind dienen hem (het gaat hem naar wensch).

Mooi W— spelen (den boel er doorbrassen).

’s Avonds rood, morgen goed W— aan boord.

Weêr aan of weêr an, t. w. Goed zoo: toe maar:

Weer an: riepen de Matroosen:
’t Is een man, oft Mouringh waer,
zingt Huyghens in zijn Scheepvaart op ’t overlijden van Prins Maurits.

Weergal, z. n. m. — Rood wolkjen, dat doorgaands buiig weer aankondigt.

Weerlicht, z. n. o. — Ontvlamming van elektrieke dampen.

Weêrstroom, z. n. m. — Keerende stroom. Zie Neer.

Weêrvloed, z. n. m. — Keerende vloed.

Weerswijs, b. n. — Die zich verstaat op Weersvoorspellingen.

Wegdrijven, o. w. — Afdrijven, heendrijven. Met de stroom W—. ’t Wordt ook gezegd van een schip dat niet goed by-de-wind zeilt. Hij drijft te veel weg (d. i. naar tij toe).

Weger, z. n. m. — Plank of plaat, tegen het binnen-oppervlak der inhouten geplaatst, in de richting van voren naar achter. KimW— (die door de uiteinden der vrangen van elk spant heenloopt.) VlakW—-, BuikW— (die tusschen de KimW—s en de W—s van het zaadhout aangebracht worden.) TusschenkimW—s [261](die over de uiteinden der halve vrangen en de ondereinden der onderbuikstukken liggen.) SteunW—, BovenkimW— (die boven de KimW—s zijn.) DostW—s (op de dikte waarvan, in een schuit, de uiteinden der roeibanken gelegd worden).

Wegeren, b. w. — Wegers aanbrengen, een schip van binnen beplanken. VolW— (geen ruimte tusschen de Wegers laten.) Half vol, met luchten W— (tusschenruimten openlaten).

Wegering, z. n. v. — Vereeniging van al de Wegers of planken, waarmede de romp van een schip van binnen is bekleed.

Wegwijzer, z. n. m. — Rat, Duizendbeen. Zie ald. Zoo heet ook een boeksken voor koffen en smakken die het Katterak en Schagerrak bevaren.

Wegzeilen, o. w. — Zich zeilende verwijderen.

Weigeren, b. w. — Haperen, nalaten. Het schip Weigert in het wenden.

Weischuit, z. n. v. — Lichte schuit, die over de Weiden heen gedragen kan worden.

Wel, b. n. — Goed, in orde, gezond. Alles W— aan boord.

Welbezeildheid, z. n. v. — Snelheid, hoedanigheid van zeilen. De schepen zullen zich naar hun W— rangschikken.

Welboot, z. n. v. — Soort van Hollandsche boot.

Welvaart, z. n. v. — ’s Lands W— is ’t gevolg van ’t Wel-varen der ingezetenen, en dit weder van de voordeelige Vaarten, die men deed. Die zoo wel ’t etymologisch als het moreel verband niet inziet, weet niet, wat de taal is als uitdrukking van het volkswezen.

Welzand, z. n. o. — Land, waaruit het water opwelt of opborrelt en waarin alles weg zinkt.

Wenden, o. w. — Over een anderen boeg gaan liggen; by- of voor-de-wind over stag gaan: beweging, welke men aan een schip laat doen, om het boord, dat vroeger van de wind was, tegen de wind in te brengen. De vloot Wendt. De Amiraal deed sein, om door een contra marsch te W—.

Wenken, b. w. (veroud.) — 1o. Het eerste windvangen der zeilen als een schip overstag wendt.

2o. Los gooien. In ’t komm. Wenk aan voor! (gooi de boelijns van het voormarszeil en voorbramzeil en fok los).

Werf, z. n. v. — Ruimte of werkplaats, bestemd tot aanbouw van vaartuigen. ScheepstimmerW—, GeschutsW—.

Werfbrief, z. n. m. — Register of bewijs van verbintenis, waarby iemand dienst heeft genomen.

Werfhuis, z. n. o. — Huis, waar volk voor de dienst geworven wordt, en dat doorgaands door het uitsteken van een vlag onderscheiden wordt.

Werfofficier, z. n. m. — Officier, met het aannemen van volk belast.

Werk, z. n. o. — Gepluisd touwwerk, dienende om de naden en voegen der planken te breeuwen.

Werken, o. w. of Kraken. — Wordt het schip gezegd te doen, wanneer zijn onderscheiden deelen ten gevolge van de beweging der zee hoorbaar tegen elkander wrijven. Men zegt ook van masten of raas, dat zij W—, wanneer [262]hun gekraak aanduidt, dat zij in stevigheid beginnen te verminderen. In ’t algemeen beduidt het het hevig slingeren en stampen van het schip.

Werp, z. n. o. — bij  een woord gevoegd, duidt aan, dat men iets uitbrengt om zich te verhalen of uit te werken. Een W—anker, een W—tros. Zie Anker, Tros, enz. W— wordt ook wel bij  verkorting voor Werpanker gebezigd. Een W— uitbrengen.

Werpanker, z. n. o. — Anker, dat uitgevoerd wordt om een schip daarby voort te halen.

Werpen, b. w. — of Uitwerpen, Een schip, door behulp van ankers of trossen, uitwerken: komm. Werp (Werp het dieplood uit).

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *