Zeemans woordenboek Valling – Vervrachting

In verband met het Corona virus adviseren wij u het laatste reisadvies van het Ministerie te lezen op Reisadvies Nederland Wereldwijd

Vegen, o. en b. w. — Wordt overdrachtelijk in verschillende betekenissen gebezigd. De lucht is van wolken schoon Geveegd: Dat schip Veegt er goed door (maakt veel gang.) Een Geveegd schip (een schip, dat van onder scherp toeloopt.) De zee schoon V— (vyanden en roovers uit zee jagen).

Was nu de Straet geveeght van hun die luttel stuyten.
zegt Vondel in zijn klinkd. op het III Deel van ’t Licht der Zeevaart.

Vellen, b. w. — 1o. Omhakken, slechten, kappen. De masten Vellen. Kosten van het V—. Zie Hakgeld.

2o. De fok V— (veroud.) (die scherp in de windvang stellen).

Velling, z. n. v. — Omhakking, slechting: de daad van Vellen.

Vendumeester, z. n. m. — Beämbte, aan wien het toevoorzicht over de verkoop van goederen is opgedragen.

Ventjager, z. n. m. — Vaartuig ’t welk, langs de schepen varende, eetwaren, drank, enz. uitvent, en dikwijls gestolen touw, yzer, zeildoek in betaling neemt.

Ventjagery, z. n. v. — Het bedrijf der Ventjagers.

Veranderen, o. w. — Van zeilen V— (die, welke hangen, tegen andere verwisselen.) Van koers V— (een anderen koers nemen.) Van boeg V— (wenden.) Van kwartier V— (de wacht aflossen.) De wind verandert (loopt om).

De droogte duurt; de lucht weet nog van geen Veranderen,
zegt Abjathar in Vondels Gebroeders. [239]

Verband, z. n. o. — Samenvoeging der deelen. Het V— van een schip.

Verbeteren, b. w. — Fouten herstellen, zich vergewissen. Het bestek, de koers van een schip V—. De miswijzing V—. Volgends het uurbord V— (een en ander namelijk ten gevolge van gemaakte berekeningen).

Verbinden, b. w. — 1o. Weder aanhalen, weder stijfhalen. Het want V— (de belegtouwen aanhalen om het weder strak te doen staan).

2o. Een schip V— (veroud.) Het, door het verstuwen van eenige ingeladen goederen of ook wel door het verzetten van eenige vaste scheepsdeelen, hoog zeilende maken.

Verbindingsklos, z. n. m. of Draagbalk. — Boordstuk, op, en tegen hetwelk een balk komt te leggen.

Verboden goederen. — Zie Goederen.

Verbreedingstukken, z. n. o. mv. — Twee planken, tijdelijk op de beide zijden van het achterstuk van het roer gespijkerd, om, in enge doortochten, een spoediger werking voort te brengen.

Verdek, z. n. o. — Naam, dien sommige Romanschrijvers en Schoolmeesters (maar nimmer een Zeeman) aan het Dek geven. Zie Dek.

Verdrinken, b. w. — Te laag bij  het water brengen. De battery V— (de battery, door overlading van het schip, zoo dicht bij  de waterlijn brengen, dat men de geschutpoorten niet zonder gevaar kan openen.) De grootste wijdte van het schip V— (het schip zoodanig door zijn dracht laden, dat het in ’t midden op zijn grootste wijdte beneden de waterlijn komt.)

Verdrinken, o. w. — In ’t water omkomen.

Spreekwijze: V— eer men water gezien heeft (zich zedelijk of lichamelijk bederven zonder er genot van te hebben gehad).

Verdubbelen, b. w. — Een dubbele huid om een schip spijkeren.

Verdubbeling, z. n. v. — 1o. Daad van Verdubbelen.

2o. De omgelegde huid zelve.

Vereenigingsbout, z. n. m. — Zie Knevel.

Vergaan, o. w. — Te gronde gaan, zinken. Er zijn met de laatsten storm vele schepen V—. Met man en muis V—.

Zoo ’t al moest zinken en Vergaan,
Waar bleef de zwaan?
Vraagt de Rei van Staatjufferen in Vondels Noach.

Vergadering, z. n. v. — Het tegen elkander komen van twee stukken van inhouten. V— van een korte vrang en een onderbuikstuk. De V—en worden loodrecht op het inhout gericht.

Vergasten, o. w. (veroud.) — Veranderen van richting, als een gast die vertrekt. Het tij Vergast.

Verhalen, o. w. — Van ligplaats veranderen, in een dok of haven liggende. wij Verhaalden naar het havenhoofd en brachten een werp op stroom om uit te halen.

Verkennen, b. w. — Onderzoeken. Land V—. Een baai V—. Verkend raken (bemerken, waar men is). [240]

Verkenning, z. n. v. — Onderzoek. Er werden eenige schepen op V— vooruitgezonden.

Verklaring (generale), z. n. v. — Aangifte der lading, door de binnenkomende schippers en stuurlieden bij  ’t binnenkomen aan de uiterste wacht gedaan. De bepalingen, daaromtrent te volgen, zijn te vinden in art. 8, 9, 10, 11 en 12 der Alg. Wet van 26 Aug. 1822.

Verklikker, z. n. m. — 1o. of Spaansche waker: kleine windwijzer, gevormd van een draad, waaraan een kurk, met veêren bestoken.

2o. of Asciometer. Zie ald.

Verlaat, z. n. o. — Sluis, uitwatering.

Verlaten, o. w. — Afwijken. De klamp V— (wijkt af.)

Verlating, z. n. v. — Zie Afstand.

Verlegen weer, z. n. o. (veroud.) — Zeer boos weer op zee.

Verlengen, b. w. — Rekken, uitbrengen.

Verloop, z. n. m. — 1o. Verandering, teruggang. Het V— van het tij: het V— van stroomen en zeegaten.

2o. Hevige windvlaag met regen.

Spreekwijze: V— van jaren. V— van zaken.

Verloopen, o. w. — Wegloopen, wegvloeien. Het getij Verloopt.

Spreekwijze: De neering is V— (is achter uit, is te niet gegaan).

Verloren, b. n. — 1o. Te loor gegaan. Een V— reis (een reis, die niets heeft opgebracht.) Er zijn vele schepen V— geraakt (vermist.) Een V— lip (een lip, waarvan de wedergaê niet te vinden is, en die dus verder van geen dienst kan zijn).

2o. Fluitwijze gewerkt. V— lip (die aan het eene end als een fluit eindigt).

Vernaaien, b. w. — De Naaisels van blokken, proppen, enz. vernieuwen.

Vernagelen, b. w. — Met Nagels dichtslaan. Het geschut V— (het, door ’t in het zinkgat inslaan van Nagels, onbruikbaar maken).

Vernietigen, b. w. — Te niet doen. Een sein V— (door middel van een sein tegenbevel geven).

Vernieuwen, b. w. — Het gesletene vervangen.

Verongelukken, o. w. — Schipbreuk lijden, stranden, vergaan. Op een kust, op een klip V—.

Verpoozen, b. w. — Aflossen. Iemand van zijn vracht V—.

Verrekijker, z. n. m. — Koperen of houten uitschuivende buis met geslepen glazen voorzien, waardoor men verwijderde voorwerpen, welke met het bloote oog niet te bereiken zijn, kan waarnemen.

Versche schoot, z. n. m. (veroud.) — Strook zoet water, die onvermengd een eind in zee loopt.

Verscheren, o. w. 1o. (veroud.) — Voorbyschieten: wordt van balken en planken gezegd, die door elkander heenslaan. Hoe meer de buikstukken en knieën V—, hoe sterker het schip is.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *