Zeemans woordenboek Baai – Bijzetten

In verband met het Corona virus adviseren wij u het laatste reisadvies van het Ministerie te lezen op Reisadvies Nederland Wereldwijd

Spreekwijze: hij  is een B— (hy draait by. (Zie Bydraaien) ook: hij  speelt op zien komen).

2o. Tegenwind, die belet zeil te voeren.

Bystaan, o. w. — Wordt van de zeilen gezegd, als zij op hun plaats geheschen en gespannen zijn. Dat schip heeft geen enkel zeil B—.

Bysteken, b. w. — Het schip met de kop aan de wind laten komen om bij  te draaien of bij  te gaan liggen.

Bijt, z. n. v. — Wak, opengehakte plaats in het ijs.

Spreekwijze: Als een eend in de B— vallen (Ergens bij  ongeluk inraken).

Bijten (in of uit), b. w. — Een schip, dat buiten of binnen de haven in ’t ijs bezet is, door het hakken van bijten of sloppen in ’t ijs, weder brengen waar het wezen moet.

Byvieren, b. w. — Laten schieten. Zie Vieren. [50]

Byvoet, z. n. m. — (veroud.) of Smeerrak; touwrak tot onderra.

Byzaadhout, z. n. o. — Stukken hout, aan de voet van de grooten mast, evenwijdig met het Zaadhout geplaatst, en dienende tot steun voor het spoor van de grooten mast.

Byzeilen, z. n. v. mv. — Hulpzeilen.

Byzetten, b. w. — Uitspannen. Een zeil B— (het op zijn plaats brengen en spannen) alle zeilen B—.

Spreekwijze: Alle zeilen B— (spoed maken).

De zeeman zet gerust dan alle zeilen by
En troost zich met de gonst der winden en ’t getij.
Vondel.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *